| |
Het Château de Wallay werd oorspronkelijk opgetrokken in 1780 en maakte deel uit van het netwerk van landelijke residenties die in de late achttiende eeuw door de adel werden gebouwd als comfortabele buitenverblijven. Hoewel het kasteel reeds een zekere allure bezat, kreeg het zijn huidige, markante uitstraling pas aan het einde van de negentiende eeuw.
In 1890 liet burggraaf Franciscus van Monge de Franeau het gebouw grondig verbouwen en moderniseren. Hij koos daarbij resoluut voor de neogotische stijl, die in die periode bijzonder geliefd was bij de aristocratie en werd geassocieerd met historische continuïteit, prestige en romantische grandeur. Het kasteel werd vrijwel volledig heropgebouwd, met karakteristieke spitsbogen, verticale accenten en decoratieve elementen die het een statig en tegelijk defensief aandoend voorkomen gaven. Onder zijn impuls kreeg Wallay het silhouet dat het vandaag nog steeds kenmerkt.
Franciscus van Monge de Franeau was niet alleen kasteelheer, maar speelde ook een actieve rol in het lokale bestuur als burgemeester van Ohey. Zijn overlijden op 4 augustus 1909 betekende het einde van een belangrijke periode in de geschiedenis van het domein. Hij werd begraven in de kapel op het kasteeldomein, waarmee Wallay ook een familiale herdenkingsplaats werd.
Een bijzonder en tragisch heldhaftig hoofdstuk in de geschiedenis van het château werd geschreven door zijn dochter, Marie-Gabrielle de Monge de Franeau. Tijdens de Eerste Wereldoorlog engageerde zij zich actief in het verzet tegen de Duitse bezetter. Als leidster van een clandestien netwerk hielp zij Franse en geallieerde militairen ontsnappen en begeleidde hen via geheime routes naar het neutrale Nederland. Haar activiteiten vergden niet alleen organisatie en moed, maar ook een voortdurende bereidheid om haar leven te riskeren.
In januari 1916 werd Marie-Gabrielle gearresteerd door de Duitse autoriteiten. Zij werd beschuldigd van hoogverraad en veroordeeld tot acht jaar dwangarbeid. Na haar deportatie naar de gevangenis van Siegburg in Duitsland verbleef zij daar onder zware omstandigheden tot november 1918. Pas na de Duitse revolutie aan het einde van de oorlog kwam zij vrij, dankzij de tussenkomst van revolutionaire krachten die de gevangenen hun vrijheid teruggaven.
Haar moed en inzet bleven niet onopgemerkt. In 1919 werd Marie-Gabrielle door Frankrijk onderscheiden en benoemd tot Ridder in het Legioen van Eer, een van de hoogste eerbewijzen voor burgerlijke en militaire verdiensten. Zij overleed in 1929, maar haar verzetswerk blijft een belangrijk onderdeel van de herinnering aan het domein en zijn bewoners.
Het Château de Wallay is tot op heden in handen van de familie de Monge. Tegenwoordig is het kasteel opengesteld voor verblijf, waardoor bezoekers niet alleen kunnen genieten van de architecturale pracht, maar ook in aanraking komen met een geschiedenis die wordt gekenmerkt door adel, burgerzin en uitzonderlijke persoonlijke moed. |