| |
|
|
|
| Mullenskasteel |
 |
|
| |
Het Hof te Wolfskerke kent een geschiedenis die teruggaat tot het Ancien Régime en is nauw verbonden met het grondbezit van de Benedictijnenabdij van Ename. Deze invloedrijke abdij verwierf in de middeleeuwen uitgebreide eigendommen in de Vlaamse Ardennen en was gedurende eeuwen heer van de heerlijkheid Wolfskerke. Naast het eigenlijke hof omvatte deze heerlijkheid een aanzienlijk territorium dat zich uitstrekte over een groot deel van de noordwestelijke zone van het huidige Opbrakel, en dat aanzienlijk ruimer was dan het kerngebied van het Hof te Wolfskerke zelf. Het domein fungeerde binnen dit feodale kader als een belangrijk agrarisch en administratief centrum, dat instond voor de exploitatie en het beheer van de abdijgoederen in de regio.
Aan het einde van de achttiende eeuw kwam een abrupt einde aan dit eeuwenoude eigendomsstelsel. Tijdens de Franse overheersing werden kerkelijke goederen genationaliseerd en als nationaal goed verkocht. In dit kader werd het volledige domein van Wolfskerke, met een totale oppervlakte van ongeveer 41 hectare, geconfisqueerd en overgedragen aan Adèle Eugène Mulle de Terschueren, een vooraanstaand industrieel en senator te Gent. Met deze verkoop werd het domein onttrokken aan het ecclesiastieke beheer en geïntegreerd in het patrimonium van de opkomende burgerlijke elite van de negentiende eeuw.
In 1893 liet Adèle Eugène Mulle de Terschueren op het domein een nieuw kasteel oprichten. Het gebouw werd ontworpen in een eclectische stijl, waarin verschillende historische referenties werden samengebracht, met een uitgesproken invloed van de Britse neogotiek. Deze stijlkeuze sloot aan bij de internationale architecturale trends van de late negentiende eeuw, waarbij romantische en middeleeuwse vormentalen werden hernomen om status en historisch prestige uit te drukken. De markante Victoriaanse toren, die hoog boven het omliggende landschap uittorent, groeide uit tot een beeldbepalend element en een herkenningspunt in de wijde omgeving.
Het kasteel, dat officieel bekendstond als Château Mulle en in de volksmond vaak het Mullenskasteel werd genoemd, bleef tot 1919 in het bezit van de familie Mulle. In dat jaar werd het domein aangekocht door Lothaire Van den Bossche, die op dat ogenblik burgemeester van het dorp was. Onder zijn eigenaarschap behield het kasteel zijn residentiële functie, al werd het beheer geleidelijk minder intensief.
Na de Tweede Wereldoorlog kwam het kasteel gedurende lange tijd leeg te staan, wat leidde tot een periode van verwaarlozing en verval. Pas aan het einde van de jaren 1980 werd het gebouw opnieuw bewoonbaar gemaakt, toen Filip Van den Bossche, kleinzoon van Lothaire, het initiatief nam om het kasteel te herstellen en opnieuw in gebruik te nemen. In 2015 werd het Hof te Wolfskerke verworven door de kunstenaar Jan Fabre, die het kasteel grondig liet restaureren met aandacht voor het behoud van zijn architecturale en historische kenmerken. Daarmee kreeg het domein opnieuw een prominente plaats binnen het culturele en landschappelijke erfgoed van de regio. |
| |
Gemeente Opbrakel
(Deelhemeente van Brakel)
Kasteel niet toegankelijk |
| |
|
|
|
|