| |
Het huidige omwalde kasteel vindt zijn oorsprong vermoedelijk in de late middeleeuwen, toen zich op deze plek al een versterkt of omgracht verblijf bevond. Over dit vroege gebouw zijn slechts fragmentarische gegevens bekend, maar de aanwezigheid van een slotgracht wijst op een combinatie van residentiële en defensieve functies, zoals gebruikelijk was voor adellijke woonplaatsen in die periode. Doorheen de eeuwen onderging het domein meerdere aanpassingen, tot het aan het einde van de negentiende eeuw zijn huidige vorm kreeg.
In 1888 gaf Edmond Bracq-Herraux opdracht tot de bouw van een nieuw kasteel op het bestaande domein. Het ontwerp werd toevertrouwd aan architect Joseph Schadde, een toonaangevende figuur binnen de neostijlenarchitectuur in Vlaanderen, die ook bekend was van andere prestigieuze realisaties. De bouwwerken werden echter overschaduwd door financiële moeilijkheden, waardoor Bracq-Herraux het domein reeds kort na de aanvang van de werken moest verkopen.
De nieuwe eigenaar, Alfred Claeys-Bouüaert, zette de bouwcampagne voort en liet het kasteel tussen 1890 en 1892 voltooien. Het resultaat was een statig waterkasteel, opgetrokken in een combinatie van baksteen en hardsteen en uitgewerkt in de neo-Vlaamse-renaissancestijl. Deze stijl sloot aan bij de toenmalige herwaardering van de zestiende-eeuwse Vlaamse architectuur en combineerde historische vormentaal met modern comfort. Elementen zoals trapgevels, kruisvensters en decoratief metselwerk gaven het gebouw een uitgesproken historiserend karakter, terwijl de omgrachting het kasteel een monumentale en schilderachtige uitstraling verleende.
De familie Claeys-Bouüaert bleef het kasteel bewonen tot 1971 en drukte gedurende meerdere generaties haar stempel op het domein. In de tweede helft van de twintigste eeuw verloor het kasteel geleidelijk zijn functie als privéresidentie. Kort vóór de fusie van Mariakerke met de stad Gent werd het domein aangekocht door het gemeentebestuur, met de uitdrukkelijke bedoeling het kasteel een publieke en maatschappelijke bestemming te geven. Het werd ingericht als contactcentrum en opengesteld voor het publiek, waarmee een nieuwe fase in de geschiedenis van het gebouw werd ingeluid.
De historische en architecturale waarde van het kasteel werd officieel erkend in 1996, toen het als monument werd beschermd. Vandaag is het eigendom van de stad Gent en fungeert het als thuisbasis van het Centrum voor Jonge Kunst (CJK). Dit kunstencentrum ontwikkelde zich tot een dynamische ontmoetingsplek waar jonge kunstenaars, culturele organisaties en bezoekers elkaar vinden. Door tentoonstellingen, projecten en uiteenlopende kunstinitiatieven krijgt het kasteel een eigentijdse invulling, waarbij het historische erfgoed op een duurzame manier wordt verbonden met hedendaagse culturele creatie. |